Amsterdamse Baardtuimelaar

 

Geschiedenis

Een duif met een baardje, niet in de gebruikelijke zin van het woord baard (kinhaar), maar denkbeeldig.
Onder baard wordt verstaan een meer of minder brede halvemaanvormige witte vlek onder de snavel, die tot aan de ogen reikt.

Er zijn diverse gebaarde duivenrassen bekend, maar de gebaarde tuimelaar is naar men aanneemt afkomstig uit Centraal Azië. Omstreeks 1600 is het ras via handelsvaart in Engeland terechtgekomen.

Het ras werd beschreven door Francis Willughby in 1676 in zijn ‘Ornithologia’ als een kleine, korte duif met parelogen.
Ook John Moore beschreef het ras in 1735 in het beroemde ‘Columbarium’ als een gebaarde duif met onbevederde poten (in Engeland aangeduid als ‘Beards’).

Het ras is dus al zo’n 350 jaar bekend, maar waarschijnlijk veel ouder. Het heeft tot eind 19e eeuw een vrij geïsoleerd bestaan geleid in het district Newcastle upon Tyne.

Geleidelijk ontstonden er in de loop van de tijd uit deze Beards een tweetal typen, met elk zijn eigen aanhang. Namelijk een gebaarde vliegduif met kort voorhoofd en één met lang voorhoofd.

 

De oorspronkelijke benaming was ‘short-faced’ tuimelaar en ‘long-faced’ tuimelaar.
Shortfaced betekent: kort van gezicht en long-faced betekent lang van gezicht.
Deze aanduiding gaf de koplengte aan, namelijk het gedeelte van de kop gelegen in rechte lijn tussen snavel en oog. Men heeft dit echter vertaald in kort voorhoofd (KVH) en lang voorhoofd (LVH), hetgeen niet correct is. KVH en LVH slaat op de lengte van de voorkop (het voorhoofd) en is niet synoniem aan face.
Een taalkundig betere benaming voor KVH en LVH is respectievelijk:

Hoogvoorhoofd tuimelaar en Laagvoorhoofd tuimelaar.
 

 

Bij het ontstaan van de kortvoorhoofd is het inkruisen van de African Owl van grote invloed geweest.
De langvoorhoofd werd voornamelijk verbeterd door onderlinge kruisingen en wijkt daardoor weinig af van het oorspronkelijke type. Bovendien moeten we niet vergeten dat de kortvoorhoofd en langvoorhoofd tuimelaar van toen, minder typisch waren van kopvorm dan heden ten dage. In die tijd ging het puur om het vliegen; dat was het belangrijkste selectiecriterium; kleur en type kwamen op de tweede plaats.

In het district Londen, met Londen als middelpunt, ontstond omstreeks 1900 de London Beard. Dit was een kruisingsproduct tussen toenmalige dunsnavelige Carriërs met langvoorhoofd baardtuimelaars, in Londen Flying Beards genoemd.

 

Deze London Beards waren goede vliegers, vrij fors van type, met spitse kop, lange snavel en parelogen. Voorkomend in diverse kleuren, maar de witte aftekening was gelijk aan die van de Flying Beards. De mooiste en meest opvallende kleur was de zilvervale (blauwzilver), waarvoor flinke bedragen werden neergeteld.

In die zelfde tijd van ontstaan van de London Beard, ontstonden er ook roekkleurige tuimelaars. De meest voorkomende kleuren waren zwart, rood, geel en wit. Deze roekkleurige (éénkleurige langvoorhoofd tuimelaars) werden Selfs genoemd (zie pagina 128). Overtollige en ‘mindere’ Kortvoorhoofd -, Langvoorhoofd tuimelaars, London Beards, en Selfs werden afgezet in Europa via de Amsterdamse haven. Van daaruit kwamen ze onder andere terecht op de Amsterdamse

Noordermarkt, waar in die tijd veel duiven werden verhandeld. Veel van deze geïmporteerde duiven vonden hun weg naar A’damse plathouders, die beide

typen Beards en Selfs door elkaar kruisten. Zo ontstond een nieuw type gebaarde duiven – door de Amsterdamse plathouders ‘Engelsmannetjes’ genoemd, naar het land van herkomst. De meest geliefde en voorkomende kleurslag was zwart, welke ook wel aangeduid werd als ‘Amsterdammertje’.

Door het chauvinisme van de Amsterdamse plathouders bleef het ‘Amsterdammertje’ lange tijd een lokaal ras.

 

Ongeveer eind jaren 1960 ontstond er in ons land evenals in Duitsland, belangstelling om het ‘Amsterdammertje’ om te vormen tot showvogel. Dit streven resulteerde in 1994 in een rasbeschrijving (NBS-standaard), waarbij de naam ‘Amsterdammertje’ werd veranderd in: Amsterdamse tuimelaar.

In Duitsland echter, was fokker Alfons Perick uit Epe bij Gronau, al jaren van mening dat het type van de Engelse kortsnavelige tuimelaars te wensen overliet. Na jarenlang speuren over de hele wereld, geluk het hem een fokker te vinden in Australië van originele Engelse Baardtuimelaars. Het was Bob Hancock, een Engelsman die omstreeks 1917 met zijn gezin was geëmigreerd van het Engelse Cornwall naar Beverley bij Adelaide in Zuid-Australië. Deze man fokte al jaren in z’n eentje deze originele Engelse Baardtuimelaars, die hij had meegenomen vanuit Engeland.

 

Het lukte Alfons Perick in 1987 een aantal van deze duiven te importeren. Nakomelingen hiervan hebben ook hun invloed gehad op de Amsterdamse tuimelaar.

Hierdoor veranderde de inzichten t.a.v. het ras en werd de NBS-standaard herzien en aangepast, waarbij de Amsterdamse tuimelaar in 2005 officieel werd omgedoopt tot Amsterdamse Baardtuimelaar.

 

       

Raskenmerken

De Amsterdamse Baardtuimelaar is een levendige, elegante show-vliegduif, vrij klein en compact in type.
De stand is vrijwel horizontaal.

Het ras heeft een middellange snavel, parelkleurige ogen en onbevederde poten.
De vleugels rusten op de staart (12 pennen), welke gesloten tot twee pennen breed is. Het ras kent tegenwoordig diverse kleurslagen, maar het baardje, de staart, het boven- en onderstaartdek zijn altijd wit, evenals de buitenste 7 slagpennen.

De snavel is tweekleurig; bij alle kleurslagen is de ondersnavel blank, bij blauw en zwart is de bovensnavel donker, bij de overige kleurslagen hoornkleurig.

Het ras is gehard, sober, hokvast, vruchtbaar en heeft een rustig karakter

 

  

Vliegstijl

De Amsterdamse Baardtuimelaar is een gehard ras, dat bestand is tegen weer en wind, zodat er elke dag mee gevlogen kan worden. Het ras was populair bij de Amsterdamse plathouders vanwege haar opvallende kleuraftekening die goed zichtbaar was als het ras op geringe hoogte haar toertjes maakte boven de daken.

De vliegstijl is ongeveer gelijk aan die van de Nederlandse hoogvlieger, maar verschilt daarin, dat tijdens het vliegen ook onregelmatig wordt getuimeld.

 

 

updated: 02/03/08